Zwart in kinderboeken (1880-1980)

zwart-sambo-tien-kleine-negertjes-pijpjedrop-pompernikkel-en-anderen-jeroen-kapelle-en-dirk-j-tang
Zwart. Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980 (Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang, 2008)

De lange sierlijke titel van Zwart doet wellicht vermoeden dat dit boek bedoeld is voor een kleine groep academici en geëngageerde sujetten, maar dat is onterecht. Het 96 pagina’s tellende Zwart – Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980, geschreven door Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang (2008), behelst precies wat de titel suggereert: het beeld van (de)koloniale illustraties uit Nederlandse kinderboeken van de vorige eeuw duiden en wel in heel toegankelijke taal.

Zwart is geen pamflet. Ze roept niet op tot verongelijkt activisme. Koloniale karikaturale stereotypen worden onverbloemd geplaatst in historisch context zonder politieke woede. Niet iedereen zal daarvan gecharmeerd zijn, maar ikzelf kan die gelaagdheid en genuanceerde voorstelling van duistere menselijke gedragingen zeer waarderen.

Naar mijn weten kent Zwart geen voorganger in Nederland en zijn er geen andere boeken in ons polderland welke uitsluitend de relevantie van de wijze waarop etniciteit gerepresenteerd in kinderboeken wordt, zo elegant en uitgebreid serieus neemt als deze (1). Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Golliwog, Pompernikkel komen allemaal aan bod. Misgeslagen goede bedoelingen krijgen woorden en aan het mysterieuze opduiken van Jan Compagnie naast Michiel de Ruyter in verhalen en prenten, wordt vakkundig een volledig hoofdstuk gewijd door historicus en publicist Dirk J. Tang.

jan compagnie
Jack Staller, afbeelding in: Graddy Boven, De Admiraal: Michiel Adriaenszoon de Ruyter, Zaltbommel (Aprilis) 2007, collectie KB uit: Zwart (Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang, 2008)

Op de vraag ‘wie Jan Compagnie dan was?’ antwoordt Tang: dat is simpelweg niet meer te achterhalen. Toch wordt door het ruime aanbod van verschillende illustraties van Jan Compagnie met Michiel de Ruyter er een kleurrijk palet aan vergelijkingsbeeldmateriaal geschetst. Positieve ontwikkelingen worden ook belicht, want zo besluit Tang, uit de illustraties in De Admiraal: Michiel Adriaenszoon de Ruyter (2007) zijn negatieve stereotyperingen verdwenen.

Wordt Michiel de Ruyter hiermee niet in een al te positief nationalistisch rooskleurig narratief geplaatst? Felle criticasters zullen hoogstwaarschijnlijk stellen van wel. Anderzijds: het bestaan van deze gedekolonialiseerde illustraties verzwijgen of buiten de beeldvorming laten zou eveneens een vorm van geschiedsvervalsing zijn.

Zwart positioneert zwart in kinderboeken in een koloniaal historisch én actueel perspectief. Dit boek op de verplichte literatuurlijst binnen alle lagen van het Nederlands secundair onderwijscurriculum plaatsen, van het VMBO tot aan het Gymnasium, zou de geloofwaardigheid van een aantal fundamentele kerndoelen uit artikel 11b van de Wet op het Voorgezet Onderwijs (2) niet mistaan.

Anoniem, afbeelding in: P. Louwerse, Zwarte Sam, of een neger is ook een mensch, Zuthphen (Schillemans en Van Belkum) [1895] uit: Zwart - Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen (Jeroen Kappelle en Dirk J. Tang, 2008)
Anoniem, afbeelding in: P. Louwerse, Zwarte Sam, of een neger is ook een mensch, Zuthphen (Schillemans en Van Belkum) [1895] uit: Zwart (Jeroen Kappelle en Dirk J. Tang, 2008)

Specificaties
Titel: Zwart. Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980.
Auteurs: Jeroen Kapelle m.m.v. Dirk J. Tang
Redactie: Saskia de Bodt
Fotografie: Koninklijke Bibliotheek
Vormgeving: Brigitte Slangen
Copyright: Uitgeverij d’jonge Hond (2007), Jeroen Kapelle, Dirk J. Tang (2008)
ISBN: 987 90 89100 78 8
Kopen: (liefst bij je) lokale boekhandel of bol.com

(1) Geen boek, maar een hele collectie: Curator Carl Haarnack is met zijn bijzondere privé collectie Buku – Bibliotheca Surinamica gespecialiseerd in zwarte stereotyperingen in historische kinder- en jeugdboeken. Haarnack schrijft hier regelmatig essays over op zijn blog.

(2) bedoelende onderdelen en toebehorende subonderdelen A (Nederlands), E (Mens en maatschappij) en F (kunst en cultuur) uit het besluit van 7 juni 2006, houdende vaststelling van de kerndoelen voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs alsmede aanpassing van het Inrichtingsbesluit W.V.O. (Besluit kerndoelen onderbouw VO). PDF besluit 7 juni 2006 download link.

Angisa: een hoofddoek van plezier! En andere verborgen romantiek.

een_twee_drie_vier_hoofddoek_van_plezier“Eén, twee, drie, vier: hoofddoek van plezier!”  is een prentenboek over Kate en haar oma. Oma is jarig, maar niet vrolijk; ze kan haar hoofddoek niet vinden!

Kate zoekt hem, en leert ondertussen van alles over angisa’s, Surinaamse hoofddoeken. Elke vouwwijze heeft een naam en betekenis. Met de manier waarop haar angisa gevouwen is, laat de draagster zien of ze boos is of juist vrolijk, ze kan ermee flirten en ruzie maken: met haar hoofddoek spreekt ze de angisa tori, de geheimtaal van de angisa.

Dit is niet alleen een prachtig prentenboek met een leuk verhaal waar álle kinderen van zullen genieten, je krijgt nog iets extra’s, namelijk uitleg over de angisa.

Surinaamse dames in Kotomisi.
Surinaamse dames in Kotomisi.

Het geven van namen aan hoofddoeken is een gebruik dat is meegenomen naar Suriname vanuit West-Afrika. Tijdens maar ook na de slavernij heeft de hoofddoek zich ontwikkeld tot een uniek Surinaams communicatiemiddel. De vouwkunst en betekenissen worden nog altijd mondeling doorgegeven. Angisa’s worden tegenwoordig vooral gedragen bij feestelijke gelegenheden: verjaardagen of, uiteraard, op 1 juli Keti Koti, de dag waarop de afschaffing van de slavernij wordt gevierd.

Over de angisa’s vind je meer informatie op de site van http://www.hetkotomuseum.org/angisa-tori/hoofddoeken.html

Via de site van het Koto Museum is ook een interessant boek (voor volwassenen) over de geschiedenis, betekenis en vouwwijzen van de angisa’s te bestellen. Voor wie daarin is geïnteresseerd.

Hoewel op het doorgeven van boodschappen via de angisa een extra lading drukt van vrijheid zoeken in tijden van slavernij, zijn er door de eeuwen heen diverse codetalen ontwikkeld voor snelle, eenvoudige communicatie ook tussen mensen die niet kunnen lezen en schrijven, of om boodschappen geheim te houden voor buitenstaanders. Tekens die dieven met krijt op voordeuren schrijven (‘hier valt niks te halen’ bijvoorbeeld),  Noordse runen die richting aanwezen of waarschuwden voor slechtgezinde bewoners van een huis, gaten in of beren op de weg, de liefdestaal van postzegels en bloemen. Waar afstand of vooral sociale conventies gesprekken lastig maken, vinden mensen, vooral geliefden, altijd een manier om tóch met elkaar contact te kunnen houden, hoe kort en bondig dat ook is.

postzegeltaalPostzegeltaal was een ware rage in het Europa van de jaren vijftig van de 20e eeuw, maar werd ook eerder al beoefend. Het was niet ongebruikelijk dat moeders de post doornamen om te controleren of alle post aan haar kinderen, vooral dochters uiteraard, wel binnen de grenzen van het betamelijke bleef.

"Hij houdt van me, hij houdt niet van me, hij houdt van me..."
“Hij houdt van me, hij houdt niet van me, hij houdt van me…”

Ook werd er van oudsher ‘gesproken’ via bloemen; nu nog. Rode rozen staan voor liefde, witte rozen voor vriendschap, bijvoorbeeld. Het vergeet-me-nietje… In de toneelstukken van Shakespeare vind je de nodige voorbeelden die minder voor de hand liggen, zoals sleutelbloemen voor wijze raad. Begin 18e eeuw was het in Europa een rage voor communicatie tussen geliefden. Lady Mary Wortley Montagu woonde toen met haar echtgenoot in Turkije, en ontdekte (of leerde?) dat via boeketten discrete boodschappen kunnen worden overgebracht, die ook taalgrenzen slechten. Zelfs in hoe een bloem of boeket wordt overhandigd, kan een boodschap schuilen. Met bloemen valt zelfs te divineren. Dit is bewaard gebleven in het bekende kinderspelletje: pluk een madeliefje, en pluk één voor één de blaadjes terwijl je bij elk blaadje beurtelings ‘hij houdt van me’ en ‘hij houdt niet van me’ zegt. Het laatste blaadje geeft de stand van zaken weer.

Hier moest ik allemaal aan denken toen ik “Hoofddoek van plezier!” las. Dit bijzondere boek is uitgegeven in het kader van 150 jaar afschaffing slavernij. Een aanrader voor wie kinderen iets wil vertellen over de achtergrond van Suriname, maar ook los daarvan is het een fijn prentenboek over symbolische culturele taalgebruiken; de slavernij wordt niet expliciet aangekaart.

Specificaties:
Titel: Eén, twee, drie, vier: hoofddoek van plezier!
Auteur: Jeanine Cronie
Illustraties: Totie Cronie
ISBN: 9789089340009
Genre: Prentenboeken 3-8 jaar
Uitgeverij: Jeanine Cronie
Verschenen: 09-07-2013
Type: Hardback
Pagina aantal: 32
Prijs €: 13,50