Spinzi tip: Ada Dapper Wetenschapper

ada dapper 4

Na de New York bestseller Roza Rozeur, ingenieur is er nu ook Ada Dapper, wetenschapper van Andrea Beaty (verhaal) en David Roberts (illustraties). Beaty liet zich voor de nieuwsgierige, onderzoekende naar kennis hunkerende Ada Dapper inspireren door werkelijke vrouwelijke wetenschappers uit de geschiedenis: Ada Lovelace (a.k.a. Augusta Ada Byron) en Marie (Salomea Skłodowska-)Curie.

Ada Lovelace was een Britse wiskundige en wordt door velen beschouwd als de allereerste computeringenieur. Marie Curie was een Pools-Franse schei- en natuurkundige. Zij was de eerste vrouw die een nobelprijs ontving voor haar werk en ontdekte de elementen polonium en radium. In Ada Dapper is de onderzoekende aanleg van beide wetenschappers gegoten.

Ada Dapper is een rolmodel voor alle leergierige en onderzoekende kinderen met een pedagogisch knipoogje naar opvoeders om die uitbundige nieuwsgierige aanleg niet in te dammen of te straffen maar serieus te nemen, te begeleiden en te faciliteren.

Bijzonder mooi aan dit kinderboek is dat de makers ervoor hebben gekozen Ada een Afro-identiteit te geven samen met haar broertje, moeder en vader. Alles wat vaak ondergerepresenteerd in kinderboeken is, krijgt in Ada Dapper een vanzelfsprekende rol. Een Afro-meisje heeft de ondernemende, slimme uitbundige hoofdrol, het broertje heeft de (rustige) bijrol, beide ouders zijn betrokken en samen.

Alleen maar pluspunten dus, in het bijzonder op het snijvlak van gender en roots. Zo kom je ze niet vaak tegen.

Kijk ook eens naar Iggy Peck, architect en Madame Chapeau van dezelfde makers.

Uitgeverij Nieuwezijds, oktober 2018
Vertaald door Edward van de Vendel

Griffels en penselen 2018: veel aandacht voor diversiteit in kinderboeken dit jaar

De Zilveren Griffels, de Zilveren Penselen en de eervolle vermeldingen van de Met vlag en wimpels 2018 zijn gisteren bekendgemaakt en uitgereikt op de jaarlijkse Midzomerkinderboekenborrel van stichting CPNB. De Griffels en Penselen gelden als prestigieuze erkenningen voor het werk van kinderboekenschrijves en illustratoren in Nederland. Opmerkelijk is dat er dit jaar tijdens de uitreiking veel expliciete aandacht voor representatie en diversiteit in kinderboeken was. Die urgentie is ook zichtbaar in de toekenningen van de Zilveren Griffels en (vooral) Zilveren Penselen.

Voor de volgers van Spinzi tip ik in het bijzonder de volgende kinderboeken hiervan (van links naar rechts):


TORIBrian Elstak & Karin Amatmoekrim, uitgeverij DAS MAG, Zilveren Penseel, 6 tot 12 jaar
Bedtijdverhalen voor Rebelse Meisjes, Elena Favilli & Francesca Cavallo, vertaling Monique ter Berg, uitgeverij ROSE Stories, Met vlag en wimpel van de Griffeljury, 6 jaar en ouder
Het lammetje dat een varken is, Pim Lammers en Milja Praagman, uitgeverij De Eenhoorn, Zilveren Griffel, 0 tot 6 jaar
Heb jij misschien olifant gezien?David Barrow, uitgeverij Gottmer, Zilveren Penseel, 0 tot 3 jaar

Op de site van het CPNB vind je de volledige lijst met de uitreikingen van de Zilveren Griffels, de Zilveren Penselen en de eervolle vermeldingen van de Met vlag en wimpels 2018.

De Gouden Penseel wordt op 19 september 2018 uitgereikt en de Gouden Griffel op 2 oktober, aan de vooravond van de Kinderboekenweek tijdens het Kinderboekenbal.

De Tempelwachters van het Rijksmuseum (7+)

foto 4
Afbeelding uit: De Tempelwachters van het Rijksmuseum (p. 64, 2014)

Aziatische hoofdpersonages worden zelden gerepresenteerd in Nederlandse kinderboeken. Bijzonder is daarom het prentenboek De Tempelwachters van het Rijksmuseum (2014) waarmee kunstenaars Harriet Impey en Katie Pickwoad Japanse kunstgeschiedenis relevant voor jonge kinderen maken.

Eenvoudig en prachtig wisselende prenten van bergachtige landschappen en imposante beelden bereiken daarbij hun doel trefzeker: vanaf de eerste pagina kruipt de (voor)lezer via beeld en taal op serene doch spannende wijze zó in de geschiedenis van de twee 14de-eeuwse Japanse houten sculpturen die in het Aziatisch Paviljoen van het Rijksmuseum staan: Agyo en Ungyo.

Ontroerend is de culturele betekenis die aan Agyo en Ungyo gegeven wordt: samen symboliseren zij respectievelijk de eerste en de laatste lettergrepen van het Japanse alfabet: het begin en het einde van alles.

Impey en Pickwoad begrijpen de psyche van het jonge kind. Ze hanteren een eenvoudig en spannend narratief: de protagonist is de negenjarige Shiro die zojuist met zijn moeder naar een ander dorp is verhuisd vanwege de bedreiging van de Enya clan. Via Shiro ontdekken we het verhaal van de tempelwachters.

Aangegeven wordt dat het prentenboek geschikt is voor 9+, maar tijdens het voorlezen hingen zowel dochter- als zoonlief aan mijn lippen, respectievelijk 8 en 7 jaar. Ik mocht niet stoppen voordat het hele verhaal uitgelezen was. Met meelevende kreetjes, zuchtjes, nieuwsgierige ogen en rode wangen toonden zij duidelijk het verhaal van de tempelwachters enorm spannend te vinden.

Indrukwekkend zijn ook de illustraties waarbij vooral gebruik gemaakt is van de Japanse houtsnedes van Utagawa Kuniyoshi (1798-1861).

Tot slot: het prentenboekverhaal is niet representatief voor modern Azië en we komen stereotypisch krijgers en ninja’s tegen, maar gezien de doelstelling en context van dit verhaal, doet dat niet ter zake.

foto 2foto 3foto 5Specificaties
Titel: De tempelwachters van het Rijksmuseum
Auteurs: Harriet Impey en Katie Pickwoad
ISBN: 978 90 476 17 037
Pagina’s: 85
Uitvoering: hard cover
Uitgever: Rubinstein
Vertaler: Jan Paul Schutten
Kopen via: (liefst) je lokale boekhandel of bol.com

De Roep van de shoco (uil)

roep-van-de-shoco
De roep van de shoco / E grito di e shoco (Charlotte Doornhein, 2014)

Kai Tchong sr (1937) bracht zijn kindertijd door op het benedenwindse eiland Aruba, waar zijn vader in de jaren ’30 via Curaçao vanuit Rotterdam met de wilde vaart op de boot naartoe was vertrokken. In 1949 emigreert de jonge Kai Tchong sr vervolgens zelf terug naar Nederland, waar hij later afstudeert als kinderpsycholoog. Inmiddels gepensioneerd, vader van drie kinderen en grootvader van drie kleinkinderen (drie generaties met gemengde roots), vroeg Spinzi hem het tweetalig Arubaans-Nederlandse kinderboek De roep van de shoco (e grito di e shoco) van Charlotte Doornhein te recenseren. Een boek dat voor hem herinneringen doen opleven aan het Caraïbisch gebied en zijn eigen jeugd op Aruba.

De roep van de shoco (uil), met als ondertitel Dansen met de wind, geschreven door Charlotte Doornhein is een leuk geschreven en geïllustreerd (door Sheila Werleman) tweetalig Arubaans-Nederlands kinderboek. De ondertitel verwijst niet alleen naar het vliegen van de “wijze” uil, maar dubbelzinnig ook naar de moeder en tante van de schrijfster, die hun kindertijd doorbrachten op de benedenwindse eilanden, Aruba en Curaçao. Immers, zij dansen nog steeds met de wind. Net als de shoco.

Het is echt een verhaal van en over kinderen wat “in werkelijkheid” zich inderdaad af zou hebben kunnen spelen op zo’n ABC Caraïbisch eiland. Met gedachten aan zijn oorspronkelijke bewoners de Indianen en hun “potten” cultuur. Ook de illustraties brengen me terug naar mijn kindertijd, zo’n 60 tal jaren geleden, en schetsen een beeld, wat mijn herinneringen kleurt, zowel naar vorm als de kleuren van de omgeving op het eiland Aruba!

Het verhaal is ook leerzaam en graaft naar verborgen schatten, die de Indianen hebben achtergelaten. Ook het bewaren en koesteren van deze schatten gaat mee als iets waardevols. Een boek om te hebben en bewaren! Met dank aan Charlotte en Sheila voor een waardevol kinderboek! Wat zelfs voor een senior, die langer in Nederland gewoond heeft dan op Aruba, opnieuw zijn nieuwsgierigheid naar zijn kindertijd opwekt.

Wat betreft de Hongaarse roots van Charlotte, deed haar verhaal over de Shoco me intuïtief denken aan Clarissa Pinkola Estes, auteur van De Ontembare Vrouw, met haar kleine boek “De Gastvrije Aarde”! Clarissa heeft het verhalen vertellen ook opgedaan via haar (voor-)ouders en het ons en de generaties na ons ook boeiend doorgegeven!

Kai Tchong,
1937-10-07, Oranjestad Aruba

Specificaties
Titel: De roep van de shoco. Dansen met de wind. (E grito di e shoco)
Auteur: Charlotte Doornhein
Illustrator: Shila Werleman
ISBN: 978 94 91740 20 6
Pagina’s: 2 x 56
Uitvoering: hard cover
Uitgever: Jeroen Hoogerwerf
Vertaler: Mirto Laclé

De roep van de shoco is het tweetalige geschenkboek dat speciaal geschreven werd voor het Kinderboekenfestival Aruba 2014 / Siman di Buki pa muchanan 2014.

Er is een beperkt aantal exemplaren beschikbaar voor Nederland, exclusief via Levendig Uitgeverij.

Aboikoni (8+) – van slaaf naar marron

aboikoniWerkend aan het Spinzi-overzicht van kinderboeken waarin diversiteit en gender aan bod komen, kom ik regelmatig pareltjes tegen, zoals het prentenboek Aboikoni.

Aboikoni is geboren op een plantage waar hij woont met zijn moeder en zusjes. Hun vader is verkocht en woont op een andere plantage. Aboikoni vlucht als hij 16 jaar is. Hij rent zijn voeten stuk in het oerwoud, en wordt achternagezeten door soldaten en jachthonden. Hij moet een rivier vol piranja’s oversteken wil hij ontsnappen. Dat doet hij liever dan terug naar de plantage. Bereikt hij de vrije marrons…?

Het boek Aboikoni is verschenen als apart boek, en maakt deel uit van ‘Ik neem je mee’, waarin Akesi, Aboikoni, Boni en Rogier, en Selina hun verhaal vertellen. Samen belichamen ze de geschiedenis van de transatlantische slavernij, van het oppakken in Afrika, via de boottocht en het leven als slaaf en marron in Suriname, naar de dag van de afschaffing van de slavernij in 1863.

Specificaties
Tekst: Hilli Arduin
Illustraties: Vanessa Paulina
ISBN: 987-99914-56-21-8 (Aboikoni)
en 987-99914-56-17-1 (Ik neem je mee)
Genre: prentenboek, 8+
Uitgeverij: St. Projekten Christelijk Onderwijs Suriname, 2013
Kopen via bol: Aboikoni | Ik neem je mee
Kopen via deze site: contactformulier