Fundraisingparty 1001 vrouwen in de Rode Hoed

21780_879405185456594_1608742342625766703_nHet vuistdikke naslagwerk 1001 en vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis krijgt zoals eerder op Spinzi besproken haar vervolg. Nu, met de uitdaging 1001 vrouwen uit de 20ste eeuw te portretteren.

Op dinsdag 2 juni zal de fundraisingparty hiervoor plaatsvinden in de Rode Hoed.

Maak alvast kennis met het leven van verschillende autonome vrouwen uit de 20e eeuw via het orale woord van onder meer: Niña Weijers (Laurie Langenbach), Dione de Graaff (Atje Keulen-Deelstra) en Marjan Schwegman (Jacoba van Tongeren).

Organisatie: Stichting 1001-vrouwen
Presentatie: Hadassah de Boer
Muzikale omlijsting: DJ Isis, Doris Hochscheid en Jetta Starreveld

Datum: dinsdag 2 juni
Aanvang: 20:00 uur
Adres: Keizersgracht 102 Amsterdam

Getest in de klas: Koning & Koning

11160326_625048834296557_552958705_nOp de kalender  in het klaslokaal van mijn kleutervrienden, heeft collega Vera bij 27 april een wapperend vlaggetje getekend. Koningsdag nadert. Zo nu en dan wordt er door een kleuter op het vlaggetje getikt. Er valt binnenkort weer iets te vieren. Oranje koekjes, geschminkte gezichten en muziek. De oudste kleuters halen herinneringen op aan vorig jaar. “Soms denk ik dat ik later kan worden wat ik wil”, zegt Gerald. “En misschien word ik wel koning”. Ik ben onmiddellijk enthousiast. Een koning in skinny jeans, op sneakers. Elk jaar een troonrede waar wat te lachen valt, waar echt een traantje zal worden weggepinkt omdat de mooie woorden van Gerald, uitgesproken met die charmante slisklank ons werkelijk  zullen raken.

Het prentenboek Koning en Koning van Linda de Haan en Stern Nijland gaat over een prins die op een dag door zijn moeder ( ze is oud, zit al lang op de troon en is moe ) geconfronteerd wordt met het feit dat hij nog steeds ongetrouwd is. “Iedere prins in de wijde omgeving is al getrouwd, behalve jij! Toen ik zo oud was als jij was ik al twee keer getrouwd geweest” gilt Koningin Moeder hem toe aan de ontbijttafel. Ze is het zat. Ze schreeuwt met haar tong uit de mond. Jim probeert of hij dat ook kan: praten met zijn tong uit de mond. Alle kleutervrienden volgen zijn voorbeeld.  Het is lastig maar waar een wil is, is een weg. Praten met de tong uit de mond is wat de kleuters betreft zeker een mogelijkheid in het leven.
Aan het eind van de dag is de prins omgepraat. “O.k moeder, wat u maar wil. Maar ik heb nog nooit een leuke prinses ontmoet”.

De koningin begint bij de A van haar lijst en belt alle prinsessen van de hele wereld. Een bonte stoet aan malle, elegante, rondborstige, door Country and Western geïnspireerde vrouwen komt voorbij. Het groene prinsesje uit Groenland roept de meest intense reacties op. De kleuters springen op van hun plaats, rennen naar het boek om dit wezen eens goed van dichtbij te bekijken. Een groene jurk.Twee staartjes. Ze mist een paar  tanden. Een feest van onbewuste herkenning. Het is smullen en verkneukelen in de kring want wij weten: dit wordt niks met al die vrouwen en onze prins.

De koningin en haar zoon moeten even slikken. Het was al met al niet veel soeps. Maar wacht. Er staat nog iemand voor de poort. Prinses Madelief en broer Prins Heerlijk. Prinses Madelief voldoet in grote lijnen aan het Disney-ideaal. Ze heeft blond golvend haar, een symmetrisch snoetje met getuite lipjes en ze draagt hoge hakken. Eindelijk slaat het hart van de prins op hol. Liefde op het eerste gezicht: wat een beeldschone prins, die broer van Madelief. De liefde is geheel wederzijds. Het wordt een bijzondere bruiloft. En de koningin heeft eindelijk tijd voor zichzelf.

Ik laat de laatste illustratie aan de kinderen zien. Koning en Koning kussen elkaar. In deze kleuterklas in Amsterdam-Noord ontvouwt zich vervolgens de volmaakte maatschappij in het klein. Een luid gejuich stijgt op. Verliefd! Kussen! Getrouwd! De kleutervrienden klappen in hun handen van plezier. Een enkele enthousiasteling stampt ook met de voeten. In het gejoel klinkt een kritische noot van een kleutervriend: “Twee jongens die kussen, dat kan toch niet?”

Noortje geeft antwoord: “Ja dat kan wel. Mijn vader heeft twee beste vrienden en die zijn verliefd op elkaar. Dus…….” Sinne vertelt over de buurvrouwen die zonder buurmannen in een huis wonen. De euforische liefdesstemming houden we erin. Taylan benoemt nog maar eens op welke vier meiden hij verliefd is. Liefdevol kijkt hij van de een naar de ander. We hebben lang gedacht dat Taylan heel stoer is want hij loopt altijd met zijn armen wijd. Maar die wijde armen komen door zijn grote hart. Als je amper een meter lang bent en je hart is een meter breed, probeer dan maar eens subtiel het schoolplein over te steken.

Dan staat Jim op. “Miriam, nu moet jij zeggen op wie van ons jij verliefd bent”. Hij kijkt me aan zoals Jim dat kan.  Jongensachtig, vol bravoure en oneindig lief. Het is plotseling stil in de kring. Alle kinderen kijken me verwachtingsvol aan. Vijf, zes kleuters komen van hun plaats. In een situatie als deze is opstaan en je laten zien beter dan passief zitten wachten. “Op mij toch?”, hoor ik een kleutervriend fluisteren. “Ze heeft al verkering”, vult een andere kleuter aan. Maar Jim is onverbiddelijk. Er zal een naam genoemd moeten worden.
Een voor een noem ik de namen van alle kinderen.  Verliefd op allemaal. Zoiets is volledig geaccepteerd in een kleuterklas want hier betekent ‘verliefd’ ook houden van, lief vinden, beste vriend zijn, enorm waarderen.  Als ik de laatste naam heb genoemd, voel ik ‘m al aankomen. De doldwaze, licht-hysterische groepsknuffel. De enige vorm van verstikkende liefde die best goed is voor een mens, zo nu en dan. We gaan los. Als de ademnood en de gekkigheid me teveel worden, roep ik om de kleuters af te leiden: “Wie van jullie weet waar Maxima vandaan komt?” “UIT HAAR MAMA’S BUIK!” gilt Ilja. Dank je wel, lieve Ilja. Voor deze prachtige, volmaakt bij het liefdesthema aansluitende waarheid. Geboren zonder oordeel. Uit de buik van onze moeders.

Na het verhaal gaan we koningen maken van pen, ecoline en glitters. “ We hebben de gouden juffen-pen ook nodig”, zegt Gerald. “Om gouden tanden mee te  maken. Dat is mooi, als je onder en boven glimmende tanden hebt. Koningen hebben dat”.

Wat jammer toch, dat ik geen connecties heb in aristocratische kringen. Ik zou graag een nieuwe koning willen aandragen. Skinny jeans. Sneakers. Gouden tanden. Een troon van lego. De troonrede met de mond vol Liga-koek. En altijd, altijd liefde.

U allen kent vast dat gevoel van lichte weerstand, bij de mededeling: dit boek moet je lezen. We bepalen het liefst onze eigen klassiekers. Toch ga ik het zeggen: Dit boek moet echt ( voor ) gelezen worden. Dit grappige, lichtvoetige prentenboek dat op een volstrekt natuurlijke manier de gay-liefde presenteert, is volmaakt voor alle kinderen, ouders en leerkrachten.

Miriam Bouwens, Amsterdam, 21 april 2015

11157005_625048687629905_1083493751_nkonkon2 11117812_625048857629888_1788310976_n

Boekpresentatie Charlotte Doornhein: E grito di e Shoco / De roep van de Shoco

roep-van-de-shocoCharlotte Doornhein zal zaterdag 25 april haar tweetalige verhalenboek E grito di e Shoco / De roep van de Schoco in het Van Deijssel Huis in Amsterdam Zuid presenteren. E grito di e Shoco / De roep van de Schoco werd onlangs nog gerecenseerd op Spinzi.

Er is gelegenheid om het boek van Charlotte te kopen.

Zaterdag 25 april 2015
Van 15.30 – 17.00 uur
De Vereniging van Schrijvers en Vertalers
Van Deijssel Huis
De Lairessestraat 125
1075 HH  Amsterdam
Kosten 5 euro.

De Staat van het Boek (Brussel)

logo185Vorige week maandag vond het jaarlijks symposium De Staat van het Boek in Brussel plaats. Mooi, maar ik ondervond ook een misverstand. Onder de organisatoren, genodigden en bezoekers leeft het reflectief kritische idee dat het belang van diversiteit in kinderboeken en volwassen literatuur zich in Nederland duidelijker manifesteert dan daar. Dit geldt misschien inderdaad voor volwassen literatuur, maar de relevantie en het draagvlak voor diversiteit in kinderboeken staat in Nederland nog steeds in de kinderschoenen. Zo serieus en waardevol als we de volwassen literatuur nemen, zo sentimenteel en onschuldig kijken we naar kinderboeken. Sterker nog: de ruimte en plek die aan diversiteit in kinderboeken naast volwassen literatuur tijdens het symposium gegeven werd, kent op zulks landelijk geëngageerde schaal in Nederland helaas nog geen equivalent.

Chapeau voor onze Vlaamse buren dus. Voor Nederland: work to do!

Het verslag van de parallelsessie Hoe divers wordt er gelezen kun je via de link terug lezen: http://staatvanhetboek.be/2015/programma/index.html.

Hoe wapenen we onze kinderen tegen racisme en uitsluiting (Minka Jansen)

Minka Jansen (61) is orthopedagoog en het gezicht achter Opvoedtips. We vroegen haar een gastblog te schrijven over het belang van emancipatie en diversiteit in kinderboeken. Aan de orde komt ook: tips voor ouders en kinderen over hoe om te gaan met racisme.

alex-haley-roots

Hoe wapenen we onze kinderen tegen racisme en uitsluiting

We zijn niet verantwoordelijk voor gebeurtenissen uit het verre verleden maar, we zijn er wel de producten van. Het heeft de samenleving gevormd en het heeft ons gevormd. Ongemerkt hebben zich beelden vast gezet in onze geest en zonder dat we het door hebben handelen we hiernaar en oordelen we op grond hiervan. Dit geldt overigens voor iedereen, van elke leeftijd, sekse of culturele achtergrond.

Ik denk dat iedereen wel eens gehoord heeft van de beroemde ‘poppentesten’. Kinderen mogen kiezen uit een donkere en een licht getinte maar verder identieke pop. Soms uit een serie plaatjes van identieke poppen die oplopen/aflopen in kleur. Vrijwel elk kind kiest voor de lichte pop. Ook de donkere kinderen. Het is hartbrekend om te zien hoe deze kinderen de lichte poppen mooier, liever en slimmer vinden. Bij één van die testen was er één duidelijke uitzondering. Een donker jongetje koos voor de donkere pop. Het kind bleek te komen uit een gezin waar nadrukkelijk veel aandacht was voor het ontwikkelen van een sterk gevoel van eigenwaarde en zwart bewustzijn.

Hoe doen we dat, hoe brengen we onze donkere kinderen groot met een goed gevoel van eigenwaarde en hoe leren we om zich staande te houden in een wereld waar nog heel wat racisme en vooroordelen rondwaren. Hoe brengen we onze witte kinderen groot zonder vooroordelen en zonder het gevoel beter of slimmer of liever te zijn.

Veel ouders van met name witte kinderen worden op dit punt aangekomen boos omdat ze ervan overtuigd zijn dat kinderen in het algemeen geen kleur zien. De Poppentesten bewijzen het tegendeel. De vervelende reacties die veel zwarte kinderen over zich heen krijgen in de periode van het Sinterklaasfeest eveneens, al was het maar omdat het donkere kindje altijd Zwarte Piet moet spelen.

Op subtiele wijze is het negatieve beeld dat kleeft aan mensen met kleur, een andere cultuur of een andere taal al genesteld in het hoofd van onze kinderen. Ook in dat van het zwarte kind.

Scheldwoorden als ‘poepchinees’ worden nauwelijks herkend als uitingen van racisme. Toch is het dat en alles werkt mee aan de beelden in ons hoofd, in het hoofd van onze kinderen. Niet in de laatste plaats de karikatuur van de slaaf in de vorm van Zwarte Piet.

Een van de oorzaken ligt ook in het gebrek aan zwarte helden. Niet omdat die niet bestaan maar omdat je er zo weinig van hoort. Martin Luther King, dat weer iedereen, maar verder? Toch zijn zeer, de oorlogshelden, de uitvinders, de genieën.

Kinderboeken worden nog in hoofdzaak bevolkt door witte kinderen en dus zijn de hoofdpersonen dit ook. Als er al een zwart kindje in figureert is dat vaak een bijrol waar behalve de kleur eigenlijk niets eigens aan te zien of beleven valt.

Hetzelfde geld overigens voor kinderen met een beperking. Die zijn ook zelden de held van het verhaal en als er al boeken over worden geschreven dan gaat het vaak over de beperking. Dat kinderen met een beperking op de eerste plaats gewoon kinderen zijn zie je niet veel terug.

Kijk ook kritisch naar wat je kind leest of ziet aan films en computerspelletjes. Maar al te vaak worden nog stereotiepe beelden opgevoerd. Het is nog niet zo lang geleden dat Sjors en Sjimmie in de ban gingen. Nu nog kom je boeken en films tegen waarin uitsluitend witte mensen directeur of filmster zijn en zwarte mensen huishoudster, nanny of portier. Zwarte jongeren zitten in een ‘gang’ en zelden zie je ze in de toga horende bij het afstuderen in Amerika.

Projecten op school over Afrika gaan nog maar al te vaak uit van stereotiepe beelden, hutje, palmbomen en schaars geklede altijd lachende zwarte mensen. Afrika als continent met steden en universiteiten is hier nauwelijks bekend.

Kortom, we moeten dit beeld bijstellen en daarvoor moeten we iets doen. Op zoek naar de helden.

Kinderboekjes met zwarte prinsen en prinsesjes. Kinderen uit allerlei culturen in de hoofdrol. Films waarin een realistisch beeld wordt geschetst van zwarte culturen, van de geschiedenis en met zwarte helden.

Waar de school steken laat vallen kun je de school hierop aanspreken maar ook kun je thuis tegenwicht bieden. Koop boeken die iets vertellen over de slavernij bijvoorbeeld. Dit gebeurt op school veruit onvoldoende dus voorlopig moeten we dat zelf doen. Ook voor de witte kinderen!

Ikzelf heb indertijd Kunta Kinte voorgelezen aan mijn kinderen. Ze hingen aan mijn lippen en het gaf veel gelegenheid om over het thema slavernij en racisme te praten.

Zwarte poppen om mee te spelen. Je moet er nog steeds achteraan maar het aanbod is er inmiddels wel. Let hierbij op dat niet alleen de kleur van de pop donker is maar dat ook de gelaatstrekken en het haar kloppen. Er zijn tegenwoordig Aziatische poppen en Latijnse poppen (zelfs Barbies).

Krijgt je kind met racisme te maken praat er dan over en vertel iets over het ontstaan en laat vooral ook weten dat het niet klopt en niet iets is wat je zomaar accepteert. Laat ook zelf, in je eigen gedrag, zien dat je dit niet accepteert. Prijs het kind dat racisme herkent en er op een positieve maar kritische manier op reageert.

We moeten niet in verschillende kampen terecht komen, zwart en wit. Het ideaal dat spreekt uit de boosheid van witte ouders die denken dat kinderen geen kleur zien willen we natuurlijk uiteindelijk wel bereiken.

drs. W. Jansen (Minka) is orthopedagoog. Ze studeerde aan de Vrije Universiteit, de UVA en de UVU en woonde op Curaçao. Haar specifieke blik op opvoeding en hoe met kinderen om te gaan komt voort uit haar jarenlange ervaring met (pleeg)kinderen. Onlangs verscheen van haar hand het opvoedkundige boek Ik ben niet opgevoed. In hoofdstuk 11 gaat zij in op hoe om te gaan met racisme. Volg Minka op www.ikbennietopgevoed.nl en/of www.facebook.com/Opvoedtips.