Opening dekoloniale Heilbron collectie in de Verhalenkamer

Vanaf zaterdag 13 juni kun je in de Verhalenkamer van Spinzi ook terecht voor volwassen dekoloniale literatuur. Een deel van de ruimte wordt beschikbaar gesteld aan New Urban Collective (NUC) & SEED4Growth om de dekoloniale Heilbron collectie te ontsluiten en beschikbaar te stellen voor publiek.

11337053_830252763724622_6374799064644461324_o
Pilot New Urban Cafe – Afropolitan diner in de Verhalenkamer, Amsterdam Noord, 2015

“De Heilbron collectie ontsluit Zwarte literatuur, kennis en informatie, toegankelijk voor studie en inzage. De circa 2000 aanwezige boeken gaan over racisme en race issues, slavernij en (de)kolonisatie, gender en feminisme, sociale wetenschappen en ontwikkeling, Nederland, Europa, Zuid-Amerika, Afrika en meer. De collectie is bedoeld als startcollectie die kan groeien door giften en samenwerkingen met anderen. De huidige collectie is de nalatenschap van sociaal wetenschapper Waldo Heilbron die de geschiedschrijving en sociale wetenschap wilde dekoloniseren door alternatieve methodologiëen te gebruiken en vanuit een kritisch perspectief te schrijven. Als socioloog verbonden aan de Universiteit van Amsterdam deed hij onderzoek naar de trans-Atlantische slavenhandel en haar erfenis.”

Onder de noemer New Urban Café zal NUC ook series programmeren in de inspirende ruimte van de Verhalenkamer die de Heilbron collectie moeten versterken.

10531461_830252770391288_3239425339732216540_o
De achterkamer van de Verhalenkamer is leeggemaakt en wordt ingeruimd met de dekoloniale Heilbron collectie, De Verhalenkamer, 2015

Aanmeldlink via Facebook
Datum: zaterdag 13 juni 2015
Tijdstip: 15.00 – 18.00 uur
Adres: De Verhalenkamer | Van der Pekplein 5hs | Amsterdam-Noord (1031 GZ)
5 minuten lopen vanaf de pont achter Amsterdam CS

UPDATE 
De Verhalenkamer was een tijdelijk initiatief in Amsterdam Noord en in 2015 opgeheven. De dekoloniale Heilbroncollectie is daarna verhuisd naar het pand van Vereniging Ons Suriname en inmiddels uitgegroeid tot The Black Archives.

 

Aboikoni (8+) – van slaaf naar marron

aboikoniWerkend aan het Spinzi-overzicht van kinderboeken waarin diversiteit en gender aan bod komen, kom ik regelmatig pareltjes tegen, zoals het prentenboek Aboikoni.

Aboikoni is geboren op een plantage waar hij woont met zijn moeder en zusjes. Hun vader is verkocht en woont op een andere plantage. Aboikoni vlucht als hij 16 jaar is. Hij rent zijn voeten stuk in het oerwoud, en wordt achternagezeten door soldaten en jachthonden. Hij moet een rivier vol piranja’s oversteken wil hij ontsnappen. Dat doet hij liever dan terug naar de plantage. Bereikt hij de vrije marrons…?

Het boek Aboikoni is verschenen als apart boek, en maakt deel uit van ‘Ik neem je mee’, waarin Akesi, Aboikoni, Boni en Rogier, en Selina hun verhaal vertellen. Samen belichamen ze de geschiedenis van de transatlantische slavernij, van het oppakken in Afrika, via de boottocht en het leven als slaaf en marron in Suriname, naar de dag van de afschaffing van de slavernij in 1863.

Specificaties
Tekst: Hilli Arduin
Illustraties: Vanessa Paulina
ISBN: 987-99914-56-21-8 (Aboikoni)
en 987-99914-56-17-1 (Ik neem je mee)
Genre: prentenboek, 8+
Uitgeverij: St. Projekten Christelijk Onderwijs Suriname, 2013
Kopen via bol: Aboikoni | Ik neem je mee
Kopen via deze site: contactformulier

Zwart in kinderboeken (1880-1980)

zwart-sambo-tien-kleine-negertjes-pijpjedrop-pompernikkel-en-anderen-jeroen-kapelle-en-dirk-j-tang
Zwart. Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980 (Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang, 2008)

De lange sierlijke titel van Zwart doet wellicht vermoeden dat dit boek bedoeld is voor een kleine groep academici en geëngageerde sujetten, maar dat is onterecht. Het 96 pagina’s tellende Zwart – Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980, geschreven door Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang (2008), behelst precies wat de titel suggereert: het beeld van (de)koloniale illustraties uit Nederlandse kinderboeken van de vorige eeuw duiden en wel in heel toegankelijke taal.

Zwart is geen pamflet. Ze roept niet op tot activisme. Koloniale raciale karikaturale stereotypen worden onverbloemd geplaatst in historisch context zonder politieke woede. Naar mijn weten kent Zwart geen voorganger in Nederland en zijn er geen andere boeken in ons polderland welke uitsluitend de relevantie van de wijze waarop zwart gerepresenteerd in kinderboeken wordt, zo urgent en uitgebreid serieus neemt als deze (1). Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Golliwog, Pompernikkel komen allemaal aan bod en aan het mysterieuze opduiken van Jan Compagnie naast Michiel de Ruyter in verhalen en prenten, wordt vakkundig een volledig hoofdstuk gewijd door historicus en publicist Dirk J. Tang.

jan compagnie
Jack Staller, afbeelding in: Graddy Boven, De Admiraal: Michiel Adriaenszoon de Ruyter, Zaltbommel (Aprilis) 2007, collectie KB uit: Zwart (Jeroen Kapelle en Dirk J. Tang, 2008)

Op de vraag ‘wie Jan Compagnie dan was?’ antwoordt Tang: dat is simpelweg niet meer te achterhalen. Toch wordt door het ruime aanbod van verschillende illustraties van Jan Compagnie met Michiel de Ruyter er een kleurrijk palet aan vergelijkingsbeeldmateriaal geschetst. Positieve ontwikkelingen worden ook belicht, want zo besluit Tang, uit de illustraties in De Admiraal: Michiel Adriaenszoon de Ruyter (2007) zijn (racistische, red.) negatieve stereotyperingen verdwenen.

Wordt Michiel de Ruyter hiermee niet in een al te positief nationalistisch rooskleurig narratief geplaatst? Felle criticasters zullen hoogstwaarschijnlijk stellen van wel. Anderzijds: het bestaan van deze gedekolonialiseerde illustraties verzwijgen of buiten de analyse van de beeldvorming laten zou eveneens een vorm van geschiedsvervalsing zijn.

Zwart positioneert zwart in kinderboeken in een koloniaal historisch én actueel perspectief. Dit boek op de verplichte literatuurlijst binnen alle lagen van het Nederlands secundair onderwijscurriculum plaatsen, van het VMBO tot aan het Gymnasium, zou de geloofwaardigheid van een aantal fundamentele kerndoelen uit artikel 11b van de Wet op het Voorgezet Onderwijs (2) niet mistaan.

Anoniem, afbeelding in: P. Louwerse, Zwarte Sam, of een neger is ook een mensch, Zuthphen (Schillemans en Van Belkum) [1895] uit: Zwart - Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen (Jeroen Kappelle en Dirk J. Tang, 2008)
Anoniem, afbeelding in: P. Louwerse, Zwarte Sam, of een neger is ook een mensch, Zuthphen (Schillemans en Van Belkum) [1895] uit: Zwart (Jeroen Kappelle en Dirk J. Tang, 2008)
Specificaties
Titel: Zwart. Sambo, Tien kleine negertjes, PijpjeDrop, Pompernikkel en anderen. Het beeld van de zwarte mens in de Nederlandse illustratiekunst 1880-1980.
Auteurs: Jeroen Kapelle m.m.v. Dirk J. Tang
Redactie: Saskia de Bodt
Fotografie: Koninklijke Bibliotheek
Vormgeving: Brigitte Slangen
Copyright: Uitgeverij d’jonge Hond (2007), Jeroen Kapelle, Dirk J. Tang (2008)
ISBN: 987 90 89100 78 8
Kopen: (liefst bij je) lokale boekhandel of bol.com

(1) Geen boek, maar een hele collectie: Curator Carl Haarnack is met zijn bijzondere privé collectie Buku – Bibliotheca Surinamica gespecialiseerd in zwarte stereotyperingen in historische kinder- en jeugdboeken. Haarnack schrijft hier regelmatig essays over op zijn blog.

(2) bedoelende onderdelen en toebehorende subonderdelen A (Nederlands), E (Mens en maatschappij) en F (kunst en cultuur) uit het besluit van 7 juni 2006, houdende vaststelling van de kerndoelen voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs alsmede aanpassing van het Inrichtingsbesluit W.V.O. (Besluit kerndoelen onderbouw VO). PDF besluit 7 juni 2006 download link.

Getest in de klas: 1, 2, 3, 4: Hoofddoek van plezier!

Reza met boek op de kop, Sophie, Gerlad en ikHet is donderdagochtend 9 uur. Buiten is het koud en grijs. De nevelige duisternis van de vroege ochtend sluimert nog om de school. In deze serene sfeer zit ik met mijn kleutervrienden in de kring. Ze kijken me verwachtingsvol aan. Het volmaakte moment voor een goed boek. Ik laat het prentenboek van Jeanine Cronie zien en lees de titel voor: ‘1,2,3, 4: Hoofddoek van plezier!’

Chahid (4 jaar) veert meteen op: “Mijn moeder draagt ook altijd een hoofddoek. Buiten. Maar niet in bed. Ze heeft veel hoofddoeken. Blauw, groen, rood, roze, paars en geel. Als het warm is draagt ze een roze doek en als het koud is, een blauwe. Als ik jarig ben draagt ze een groene hoofddoek want zij houdt van groen”.

“Is het een blinddoek?” vraagt Jurriaan. “Een hoofddoek”, antwoordt Chahid. ” Mijn moeder heeft een eigen kast vol hoofddoeken”.

We bekijken de voorkant van het prentenboek. Ik vertel dat de zus van de schrijver, ze heet Totie Cronie, de tekeningen heeft gemaakt. De kinderen maken waarderende geluiden. Een zus die tekeningen maakt is vertrouwd en magisch tegelijk. Op de voorkant van het boek staat een dame met een gekleurde hoofddoek. Het is de oma van Kate die vandaag jarig is. De hoofddoek die zij draagt is een Surinaamse hoofddoek, een angisa. 

“Ik heb ook een oma in Suriname”, zegt Gerald. Gerald is een paar maanden geleden in Suriname geweest met zijn familie. Ik vraag of zijn oma ook een hoofddoek draagt. ” Ze draagt geen hoofddoek maar in Suriname heeft iedereen dezelfde kleur als ik. En er is heel veel kauwgom in de winkel. Potten vol met kauwgom. En we aten lasagne”.

“Ik ben ook in ‘Sunirame’ geweest”, zegt Taylan. Taylan is vaak creatief met de waarheid. In het weekend heeft hij verschillende connecties met draken en ook heeft hij ooit meegedeeld David Bowie persoonlijk te kennen. ( “Je weet toch…David Bowie. Van het winkelcentrum…Is jouw broer toch, Kay?”) Maar als Sneeuwwitje te eng wordt, klimt hij steeds op mijn schoot. Daarom luisteren we allemaal goedmoedig naar de creatieve waarheid van Taylan betreffende Sunirame.

Ik open het boek en begin te lezen. De oma van Kate is jarig maar waar blijft oma nou? Oma wil haar verjaardag niet vieren; ze is haar hoofddoek kwijt. Kate gaat op zoek naar de hoofddoek van haar oma. Ik laat de eerste tekening zien. Het tonen van de illustraties is een belangrijk ritueel in de klas. Als ik de tekeningen te snel de kring laat rondgaan, wordt dit geheel terecht, niet gewaardeerd. Kinderen willen niets missen van de tekeningen in een prentenboek. Bij dit prentenboek is het goed bekijken van de illustraties van belang want de hoofddoek van oma is op verschillende pagina’s subtiel verstopt. De kinderen hebben het door: Aha daar is de hoofddoek! Samenzweerderig en alwetend luisteren en kijken ze. Vol aandacht. Het is een fijne, spannende sensatie dat zij iets weten wat de hoofdpersonen Kate en haar oma nog niet weten: de hoofddoek van oma is in het heimelijke bezit van broertje Kevin. Een punt van de hoofddoek steekt uit zijn speelgoedauto.

Tijdens de zoektocht vertelt oma over de verschillende manieren van vouwen van de doek. Een gele doek met drie omhoog staande punten wil ze op haar verjaardag niet dragen. Drie omhoog staande punten betekenen dat je boos bent. Een punt naar achteren zegt: volg mij. Een punt opzij: Ik zie je op de hoek. Een punt omhoog: Laat ze maar praten. 

Gelukkig vindt Kate uiteindelijk toch de feestelijke hoofddoek. Het feest kan beginnen. Met één: taart. Twee: bezoek. Drie: Veel cadeautjes en Vier: de hoofddoek van plezier!

De kleuters schuiven onrustig heen en weer. Het oer-thema der kleuterwereld is onmiskenbaar gepresenteerd. Jarig zijn. Ik weet nu dat er een groots verlangen is om iets te roepen over een verjaardag, bij voorkeur de verjaardag van henzelf. Dat die verjaardag driekwart jaar geleden is, maakt een kleuter helemaal niets uit. Sophie zit links van me. Ze houdt het niet meer: “Ik was gister jarig!” roept ze. Sophietje was inderdaad gister ontzettend jarig. Op de dag dat zij 5 jaar werd, kwam ze in een nylon prinsessenjurk naar school. Haar aura was ook hemelsblauw, ze straalde van trotse vreugde. Haar vriendinnen fladderden als vlinders om haar heen. 

Als ik het boek heb dichtgedaan zie ik dat Hannah, lieve eigenzinnige Hannah die net op school is en tijd nodig heeft om alles te observeren, haar kaal geknuffelde naar Hannah ruikende knuffel op haar hoofd heeft gelegd. “Dit betekent blij”, zegt ze beslist. Noortje legt een pluche giraffe op haar hoofd. Guus en Jurriaan, altijd in gezelschap van hun knuffelhonden dragen ook hun knuffels als een hoofddoek. “Blij”, roepen ze en ze dansen in de kring. Reza en Noortje trekken hun vestjes uit en knopen deze strak om hun hoofd. “Dit betekent gek”, zegt Reza. Inderdaad gek. Ans Aarsema en Bea Hofman van het Batavierenplantsoen-stijl. Voor hen die in de jaren ‘80 tv keken: De alter ego’s van Arjan Ederveen en Tosca Niterink.

Chahid en Taiif trekken de capuchon van hun trui over hun hoofd. Coole blik. “Dit betekent stoer”, zeggen ze. Bijna alle kleuters staan nu in de kring hun imaginaire hoofddoek te showen. 1,2,3,4 alle kleuters hebben plezier.

Ik hoef de kleuters niet te vragen naar hun mening betreffende verhaallijn, de geloofwaardigheid van de hoofdpersonen of het kleurgebruik van de illustraties. Dat zij 1,2,3,4 Hoofddoek van plezier een goed boek vinden, heb ik kunnen zien. Tijdens het voorlezen waren er geen verlangende blikken naar de knutseltafel of de bouwhoek, geen heimelijk gefluisterde dialogen over de poes of Sesamstraat en geen pogingen om de inhoud der neusgaten te inspecteren.

Chahid en Gerald hadden de kans iets te vertellen over hun eigen wereld. Alle kinderen keken en luisterden in stilte. Na afloop ontstond er de prachtige, lieftallige anarchie die er altijd is als jonge kinderen zich aangesproken voelen. Een goed prentenboek ervaren kleuters als een autobiografie.

Graag raden de lieftallige anarchisten van kleuterklas 2kb van basisschool De Biënkorf te Amsterdam-Noord en ikzelf u aan: prentenboek 1,2,3,4 Hoofddoek van plezier van Jeanine Cronie ( tekst ) en Totie Cronie (illustraties ). Uitgeverij Maopé.

Door: Miriam Bouwens, Amsterdam 27 januari 2015
www.miriambouwens.blogspot.com

Kinderboekendoen-tip: Na het prentenboek Eén, twee, drie, vier: hoofddoek van plezier! hebben de kinderen zichzelf getekend en daarna voorzien van een hoofddoek, hoed of wat ze zelf mooi vonden. Met gekleurde stofjes, net als de echte hoofddoek van plezier.

Hoofddoek van plezier- Reza met boek, Gerald, sophie en ikhoofddoek van plezier- Geralds creatie  Hoofddoek van plezier- Reza's hand maakt hoofddoek van plezier- sophie maakt Hoofdoek van plezier- Tomas' creatie

Joods Historisch Museum: Joden in de Oost, en de West

In het Joods Historisch Museum (verder: JHM) te Amsterdam is momenteel veel aandacht voor de geschiedenis van Joden in Indonesië, de Oost, en in de Cariben, de West. De tentoonstelling Selamat Sjabbat, over Joden in de Oost, is nog te bezoeken tot en met 8 maart 2015. Joden in de Cariben – Vier eeuwen geschiedenis in Suriname en Curaçao is net geopend: donderdag 30 januari 2015 was de opening, en de tentoonstelling loopt tot en met 14 juni 2015.

Er valt veel te bekijken en te beluisteren. Veel voorwerpen, oude foto’s, muziekfragmenten en interviews met (afstammelingen van) direct betrokkenen. Er wordt een duidelijke sfeer neergezet. Puur vanuit Joods perspectief, vanuit een weemoedig gevoel vergelijkbaar met het ‘tempoe doeloe‘ zoals Indo’s dat kennen, is dit een mooie tentoonstelling.

Stoffenstalen die men meebracht op het eerste deel (A'dam-Afrika) van de TAS-reis, om te peilen welke stoffen het meest in de smaak vielen bij Nigeriaanse slavenhandel. Afrikaanse modestoffen worden nog altijd gemaakt in Twente.
Stoffenstalen die men meebracht op het eerste deel (A’dam-Afrika) van de TAS-reis, om te peilen welke stoffen het meest in de smaak vielen bij Nigeriaanse slavenhandel. Afrikaanse modestoffen worden nog altijd gemaakt in Twente. – foto MvdZ

De link met kolonialisme en trans-atlantische slavenhandel is uiteraard sterk (het is de reden waarom Europeanen zich in Oost en West vestigden), maar dat wordt slechts zijdelings aangestipt in de exposities. In die zin is er sprake van een Nederlands perspectief: de Joden droegen bij aan de welvaart van de Republiek, en dat deden ze met plantage- en slavenhandel.

Bepaald geen onschuldig handeldrijven, ook in die tijd was het discutabel; woorden als ‘bijdragen aan de welvaart’ en ‘handeldrijven’ verbloemen de rauwe realiteit.

De knelpunten in dit verhaal komen wel uitgebreider aan bod in het boek Joden in de Cariben en het themanummer van het tijdschrift Misjpoge, Selamat Sjabbat. Veel Joden die vertrokken uit Europa, deden dat niet alleen uit een verlangen naar avontuur of gewin, maar omdat ze hoopten elders meer armslag, een prettig leven, te vinden. Joden mochten in Europa gildeberoepen niet uitoefenen, hadden te maken met fikse vervolging en pogroms, en de uitoefening van hun religie was aan banden gelegd en meestal ronduit verboden. Deels was dat anders in de wingewesten. Joden mochten daar wél grond bezitten bijvoorbeeld. Dat was in het voordeel van Europa, in dit geval Nederland, namelijk.

Dankzij het kolonialisme heeft Europa lang haar interne problemen kunnen ‘uitbesteden’ in plaats van ze op te lossen. We leven nu in een tijd, dat het Europese uitbesteden van ‘problemen’, groepen die anders zijn, van elders naar Europa zijn gekomen et cetera, op grenzen is gestuit. We, Europeanen (inclusief Joden, Moslims en anderen ‘van elders’), zullen nu dus echt moeten leren, om daar anders mee om te gaan. Kennis van de geschiedenis over de integratie van diverse bevolkingsgroepen in de overzeese gebieden, kan daarbij een positieve rol spelen.

joden_in_de_cariben_boekJoden in de Cariben Ter gelegenheid van de tentoonstelling: Joden in de Cariben – Vier eeuwen geschiedenis in Suriname en Curaçao. Onder redactie van Julie-Marthe Cohen Uitgeverij: Walburg Pers, Zutphen ISBN: 9789057303869 Pagina’s: 240 Prijs: € 34,50 Joden in de Cariben vertelt het verhaal van de joodse gemeenschappen die zich vanaf de zeventiende eeuw vanuit Amsterdam vestigden in een onbekende, nieuwe wereld: in Noordoost-Brazilië, Nieuw-Amsterdam (Het latere New York), Suriname en Curaçao. In deze Nederlandse koloniën genoten de Joodse gemeenschappen verregaande religieuze en economische vrijheden en kwamen zij tot bloei. Zij droegen bij aan de welvaart van de Republiek en speelden een centrale rol bij de totstandkoming van andere joodse gemeenschappen in het Caribisch gebied en in Noord-Amerika

Misjpoge1Misjpoge: Selamat Sjabbat Ter gelegenheid van de tentoonstelling: Selamat Sjabbat Prijs: €7,50 Ter gelegenheid van de tentoonstelling Selamat Sjabbat brengt het tijdschrift Misjpoge, het kwartaalblad van de Nederlandse Kring voor Joodse Genealogie, een themanummer uit over Joden in Nederlands-Indië. De uitgave is gemaakt in samenwerking met het JHM en het Menasseh ben Israel Instituut.

Meer informatie of wilt u het museum bezoeken? Het Joods Historisch Museum is gevestigd aan de Nieuwe Amstelstraat 1 te Amsterdam, vlakbij metrostation Waterlooplein.