Spinzi tip: Slaaf Kindje Slaaf – Dolf Verroen

Dit is Koko, zei papa, een slaafje voor onze Maria.
Van tante Elisabeth kreeg ik een zweepje.
Het paste net niet in mijn tas.
Jammer.

Maria krijgt een slaafje voor haar twaalfde verjaardag. Dat is handig. Slaven moeten doen wat jij zegt. Je kunt ze straffen, verkleden of verkopen. Maria weet niet beter. Haar leven draait om mooie jurken, theevisites en netjes rechtop zitten – net als dat van haar moeder en haar tantes. Waarom zou ze verder kijken dan het luxe leven dat ze gewend is? Alles is toch goed zoals het is?

Uit: Slaaf Kindje Slaaf – Dolf Verroen (2006), nieuwe druk Hoe mooi wit ik ben (2016)

Door de eervolle Thea Beckmanprijs eerder dit jaar voor de Reis van Syntax Bosselman van Arend van Dam moest ik onmiddellijk ook denken aan Slaaf Kindje Slaaf van Dolf Verroen. In stijlvorm en genre zijn de twee kinderboeken onvergelijkbaar met elkaar maar toch kan het nuttig zijn om ook van dit eerder gepubliceerde werk te weten. Waar Arend van Dam met de Reis van Syntax Bosselman het koloniserend verleden van Nederland  historisch onderzoekt en in de hoofden van verschillende personages en perspectieven probeert te kruipen gaat Dolf Verroen met Slaaf Kindje Slaaf de confrontatie aan door vanuit het perspectief van de arrogante verheven houding van zijn (witte) personages te schrijven.

Slaaf Kindje Slaaf schetst heel duidelijk het beeld van hoe racistisch, neerbuigend en objectiverend er naar tot slaaf gemaakten gekeken kon worden door Nederlandse plantagehouders (en hun families) en evenzo behandeld werden.

Je kijkt mee door de ogen van de jonge Maria, die een tot slaaf gemaakt of in slavernij geboren jongetje van haar vader – een rijke plantagehouder – voor haar 12e verjaardag krijgt. In 40 korte filmisch aandoende hoofdstukken zie je hoe de kinderlijke in pubertijd ontluikende Maria enerzijds de mensenhandel van Afrikaanse mensen en hun gedwongen arbeid op de theeplantage van haar vader volstrekt vanzelfsprekend vindt. Anderzijds laat het ook de spanningen en wreedheden van haar witte moeder en tantes zien in relatie tot de aantrekkelijke mooie zwarte jonge meisjes in slavernij.

Waar De Reis van Synax Bosselman vooral historische context, kennis en een onderzoekende houvast biedt, zal Slaaf Kindje Slaaf waarschijnlijk meer innerlijke weerstand oproepen door het effect op de directe emotie(s) van de lezer. Zoals de toelichting van het boek ook stelt: ‘Het is een indringend jeugdboekje over racisme en kolonialisme dat vragen oproept juist doordat ze voor de (witte) hoofdpersonen geen vragen zijn.’

Aan de hand van beide jeugdboeken kunnen ouders, verzorgers, educators, docenten en geïnteresseerden de trans-Atlantische slavernij en mensenhandel bespreekbaar maken. Zowel thuis, in de bibliotheek en/of in de klassen van het Primair Onderwijs (PO), het Voortgezet Onderwijs (VO) en het hoger onderwijs binnen thema’s van Geschiedenis en Burgerschap. Voor het PO zijn beide boeken geschikt voor de bovenbouw, groep 7 en 8.

WanGro-edeKonGiMaria-cover-illustratie

Ben je in het bijzonder geïnteresseerd in het aanbieden van meertalige kinderboeken? Kijk dan ook eens naar de Surinaamse vertaling in het Sranantongo van Slaaf Kindje Slaaf door Flos Rustveld: Wan gro-ede kon gi Maria. Een zelfstandige uitgave op vierkant CD-formaat, tekst zonder illustraties, met bijbehorende CD waarop Flos Rustveld het jeugdboekje in het Sranantongo voorleest.

Vanwege het hedendaagse inzicht dat het taalgebruik van het woord slaaf onmenselijkt en rechtstreeks overgenomen is uit de Slavernij spreekt men tegenwoordiger liever van ‘tot slaaf gemaakte mensen’. Waarschijnlijk is om deze reden de titel in de heruitgave van Slaaf Kindje Slaaf in 2016 gewijzigd naar ‘Hoe mooi wit ik ben’.

Slaaf Kindje Slaaf is bekroond met de Gustav-Heinemann-Friedenspreis en de Deutscher Jugendliteraturpreis. De reis van Syntax Bosselman is eerder dit jaar bekroond met de jeugdhistorische Thea Beckmanprijs.


Specificaties

Slaaf Kindje Slaaf | Auteur Dolf Verroen | Illustrator Veronica Nahmias | Uitgeverij Olga Kinderboeken | Nederlands | 1e druk | ISBN 9789067344517 | juni 2006 | gebonden hardcover | 104 pagina’s | Adviesleeftijd 10-12 jaar

Hoe mooit wit ik ben | heruitgave | Auteur Dolf Verroen | Illustrator Martijn van der Linden | Uitgeverij Leopold | 1e (her)druk | ISBN 9789025869762 | maart 2016 | gebonden hardcover | 80 pagina’s | Adviesleeftijd 10-12 jaar

Wan gro-ede kon gi Maria | Auteur Dolf Verroen | Vertaling Sranantongo + CD | Vertaler Flos Rustveld | Cover Gallery Fermate | ISBN 978909027881 | 27 pagina’s | Adviesleeftijd 10-12 jaar | meer informatie over dit boekje via Spinzi

De reis van Syntax Bosselman – Verhalen over de slavernij | Auteur Arend van Dam | Illustrator Alex de Wolf | Uitgeverij Van Holkema & Warendorf | Nederlands | 1e druk | ISBN 9789000359158 | februari 2018 | Hardcover | 304 pagina’s | Adviesleeftijd 10-12 jaar

The innocence of (Dutch) schoolbooks – Liesbeth Tjon A Meeuw (2014)

A long overdue (my bad, sorry!) guest blog by Liesbeth Tjon A Meeuw on the representation of slavery in Malmberg schoolbooks used in primary and secondary schools in The Netherlands. It was inspired by an art project ‘Gevonden Goud’ by artist Frouwkje J. Smit.

The depiction of slavery in Dutch schoolbooks is a subject still urgent, relevant and in transition as policy makers, intellectuals, activists, politicians and teachers are searching and finding new ways in what and how we teach en learn in the Dutch educational system.

This early essay can be of use for those working with history, culture and citizenship in the educational field of primary and secondary schooling and those who are shaping the educational curriculum in The Netherlands today. In essence, it is a plea for a collective narrative on the history of slavery.

The innocence of (Dutch) schoolbooks

An essay by Liesbeth Tjon A Meeuw, 2014

The runaway negro-slaves in Suriname often attacked the plantations. Why did they do that? Give two reasons: 1, out of hate and 2, to get food. 

In: Bij de tijd. Geschiedenis in tien tijdvakken. Antwoordenboek, page 17. Frans van Baal & Marlies Hagers (red.) ‘s-Hertogenbosch: Malmberg

This is a phrase, which I find in one of the books that lie on a table at gallery Sanaa in Utrecht. The books are part of the group exhibition: Slavery, Contemporary Arts Incorporated? The table draws a lot of attention. Also my own. It’s filled with old and new schoolbooks about history and geography. They are part of the installation, Gevonden Goud, by artist Frouwkje Smit. Her project is centered around the family Malmberg, whose name is well-known for publishing Dutch schoolbooks. For decades the company has been providing schoolbooks for primary and secondary education in the whole kingdom. Many young generations in Holland, Suriname and the former islands of the Dutch Antilles grew up with these books. As they still are.

The quote above comes from a book that is not even that old. It’s dated from after [1998] and was used in the highest grades in primary school. What immediately catches my eye – besides the use of the word ‘negro’ – is the way the runaway slaves are portraited in this chapter. Not as freedom fighters, who were building up their resistance against the slave system by attacking plantations, killing the owners, freeing the slaves, steeling food, tools and arms. None of that, their attacks were narrowed down to hatred and hunger. We also see in this chapter that the use of the word ‘hate’ is only in relationship to the runaways, not the colonizers.

This is just one example of how the history of slavery is depicted. If, it is depicted at all. As we see from random sample I took from the book table, it is the same one-sided story: it glorifies the Golden Age of Holland, but only briefly mentions the slave trade or the process of colonization in those far away regions. The few interesting exceptions being the most recent books and the very old ones from before the 50s. The recent books handle the subject with cautiously and clumsily, as the quote above shows. The older books come with strong political statements:

The slave-trade is one of the most resentful consequences of the discoveries (…) its an ineradicable shame for the Christian people of Europe, that unscrupulous merchants continued this inhuman act for four centuries. About forty million negroes were taken away from their homeland and brought together by especially Englishmen and Dutchmen (…) to be shipped away to the West Indie and Northern America. The negro-kings at the African West-coast fought and raided continuously, to have time and again new prisoners of war to sell to the white-man.

In: Beknopt leerboek der Algemene Geschiedenis 1st part, Aug. C.J. Commissaris (1934), page 217, ‘s-Hertogenbosch: Malmberg

My goal is not to condemn the Malmberg publisher or the writers of these schoolbooks. Instead, I plea for a collective narrative. These schoolbooks, old and new, help to understand how our narratives were shaped throughout the ages, how our perspectives were formed. But most of all, why we have certain racial notions, up till today. How our origins have become part of the mechanism that include or exclude others. These books help to understand why we think we live in a non-racial society. Why we find slavery a non-issue in the public discourse and why, at the same time, the subject causes heated debates.

It might even have been one of these very Malmbergs books from which I learned my history lessons back in the 80s and the 90s. I vividly remember the first time we discussed the topic of slavery. It was discussed in the context of the American history and their racial system. I remember a photo in my schoolbook from a black couple whose hands had been cut off, both holding up their stubs in front of the lens. I remember their faces of despair. It was a horrible picture and immediately I began to identify with them. How had they managed to survive? That was my main question.

All the other kids were shocked as well, but they had other questions to ask the teacher. Why had their hands been cut off? Why would people do such a thing? While my teacher tried his best to answer them, I turned quite with a bad feeling inside. Although I hardly knew anything about the colonial days of Suriname, I instinctively felt that my family story was part of that horrifying episode in human history.

My questions were different from those of the children in my class, because they did the exact same thing I was doing: They identified with the people who shared their skin-color. So they addressed the subject of slavery from the perspective of the perpetrator, the colonizer. And not just children who do this, but also historians writing schoolbooks:

The WIC [West Indian Company] found soon enough another horrifying form of commercial shipping /mercantile marine: the slave-trade from Africa to the plantations in the Caribbean and South-America. Curacao was the intersection / junction in this trade. One bought slaves on the coast of Africa, or one went out raiding yourself.

(page 24)

In: Memo geschiedenis voor het examen havo/vwo. Marianne Baas (2008) ‘s-Hertogenbosch: Malmberg

We tend to think that our understanding of historical events grows and becomes more reliable with the years. We forget that facts and figures can be true today and false tomorrow. To children, all things written in schoolbooks are true and important to know, otherwise they wouldn’t be in those books at all. Even if we don’t factually remember what it was that our schoolbooks had to say on the subject of ‘negro-slaves’, the general idea will stay with us through the years, more often without us realizing. This perception becomes clear once again when we run into something or somebody that we associate with the word ‘negro-slave’. Ironically, that is also the moment to think otherwise.

Nobody is without certain prejudices, references and frameworks. Nobody can narrate without any kind of context. It would be impossible to expect ourselves to be ‘neutral’ or ‘color blind’. Moreover, this would be an insult to our personal history and cultural background. This is what makes it even more important to become aware of our racial understanding and how it affects the way we look at each other nowadays. It could be the only way to raise our children with an open mind and heart. It obliged us to be honest to our pupils and tell them that the world is bigger than we know. We can only talk about things that are relevant to us. Other versions of the truth maybe denied, deformed or even erased:

Also in South America many negroes were brought in as slaves. They are all free. There is no racial hatred, the negro issue doesn’t exist here (…) Fortunately Indians and Negroes are indeed legally equal to the Whites and the churches and schools are for all of them, because there is no racial hatred here.

In: Landen en volkeren. Deel 2 Werelddeelen. C. v.d. Broek & J.A. Nillesen (1928) ‘s-Hertogenbosch: Malmberg

We have to restore our collective narratives, not by blaming, shaming or victimizing. We already know the answer on the question who’s to blame: human nature. Our society is based on today’s narratives and those of yesterday. Because of that, our past is not completely erased. We carry it in our habits, in our fears, in our memories and conventions. By filling in the gaps, clearing the blind spots, linking the loose ends together, connecting the stories of the black families with the white families, we create a collective narrative. We can even create a collective culture based on those new facts, stories and views.

In that sense, there is not much difference between a historian and a novelist. A historian writes a story and says: this is true, this has actually happened. A novelist writes a story and says: this could be true. Both of them can serve the art of storytelling very well and uses narratives to create awareness about heavy topics like colonialism and slavery. So we need non-fiction as well as fiction, both of them are based on facts and figures to give the narrative a basic ground. That’s how we create a collective narrative that deals with the past, explains the present and inspires the future.

This essay was inspired by the art project Gevonden Goud, part of the group exhibition Slavery, Contemporary Arts Incorporated? at gallery Sanaa in Utrecht.

 
Debate at gallery Sanaa, October 2013

The innocence of (Dutch) schoolbooks by Liesbeth Tjon A Meeuw was originally published on her blogspot (2014): Liesbeth-tjonameeuw.blogspot.nl

 


NB: A form that came to my mind whilst re-reading Tjon A Meeuw’s essay, that comes close to trying to create a collective narrative in Dutch schoolbooks is the youth historical roman De reis van Syntax Bosselman (Arend van Dam, 2018). Although not formal printed as an educational book by genre and publisher, Dutch primary schools use this thick volume for history and citizenship lessons in class. Accordingly the Dutch author of this youth history roman quite specifically states that he finds the writings of history not static but always forming, reforming and reshaping itself in it’s very social meanings as he tries to grasp the Dutch colonial history and elaborates on it by writing in three narrative layers which can be separately read: his historical research whilst writing the book, the roman narrative and third but not least, his own critical thoughts and doubts on writing on the matter, well aware of his social position and reference being a white Dutch male above middle age thus reaching out for guidance specifically on (t)his position, asking for feedback and with it quoting and voicing black intellectuals home to the subject. Even more collective in this form (e.g. in this specific historical youth roman), might have been if it had been written in equal collaboration with others home to the subject matter to voice the multiple perspectives the author seeks.

De reis van Syntax Bosselman (Arend van Dam, 2018) received the Dutch Thea Beckman 2018 award for the best youth historical roman published that year. I elaborated on De reis van Syntax Bosselman here. 

Uitgelicht: 10 Superdiverse kinderverhalen in 5 kleurrijke boeken

sesambox
10 superdiverse verhalen in 5 kleurrijke kinderboeken. Dat is de tageline van het kinderboekenproject van onze zuiderburen Studio Sesam uit Vlaanderen. Tien professionele illustratoren en kinderboekenschrijvers, met of zonder migratieachtergrond, maakten voor Studio Sesam 10 cultuursensitieve kinderverhalen met personages die de verschillende interculturele leefwerelden die in onze westerse samenleving verankerd liggen weerspiegelen. En: dat is hen redelijk goed gelukt.

pablo-fanfareElk boek bevat twee kinderboekverhalen geschikt voor kinderen van ongeveer 4 tot 9 jaar. Ongeveer op de helft, waar het ene verhaal eindigt, keer je het boek om alwaar het andere verhaal begint. Het meeste voelt als kloppend: de kleurrijke kaften, de kunstzinnige illustraties, het taaltechnisch niveau en de cultuursensitieve inhoud van de prenten en verhalen.

Feitelijk zijn het ‘gewoon’ erg mooi vormgegeven en tekst-kwalitatieve kinderboeken maar juist doordat de interculturele achtergronden als een vanzelfsprekend gegeven verweven zijn in de verhalen zijn deze superdiverse kinderboeken bijzonder in hun soort.

Effectief zijn ook de samen-spelen-en-leren-opdrachten aan het eindeDroombellen_cover-300x300 van elk verhaal met een link naar het verhaal en de personages. Zo hebben Asma Ould Aissa & Annemarie Vermaak aan Safia en de Droombellen het heerlijke recept voor Briwats maken toegevoegd.

Elk boekdeel ademt zijn eigen sfeer en karakter waardoor de samenstelling van het pakket tevens divers binnen in haar eigen aanbod is. Maar, zodra het over diversiteit in kinderboeken gaat luidt onvermijdelijk ook de kritische hamvraag: lukt dit wel zonder in stereotyperingen te vervallen – gaat het soms niet ook mis?

HMarokko_cover_shop-298x300et antwoord? Nee, dat lukt niet altijd. Ook in sommige Superdiverse kinderboeken van Studio Sesam worden soms stereotype ideeën bevestigd en bekrachtigd. Hoewel de boeken allemaal artistiek geïllustreerd en vakkundig geschreven zijn verschilt het per verhaal hoezeer culturele stereotypen vermeden zijn of zelfs ontkracht worden. In Ik wil niet naar Marokko! (Laïla Koubaa & Tinne Van den Bossche) is het beeld bijvoorbeeld ambigue. Enerzijds moet Omar mee op vakantie naar Marokko terwijl hij liever thuis in Nederland blijft om te voetballen met zijn vrienden op het plein. Een verhaal waar veel Marokkaanse kinderen zich mee kunnen en zullen identificeren want Omar groeit, anders dan de generatie van zijn ouders, in beide werelden en nog veel meer in Nederland op.

Anderzijds portretteert het kinderboek het typische middenstandsklasse Marokkaans-Nederlandse gezin waarin stereotype beelden van de buitenlandse cultuur als chaotisch en waar mensen altijd te laat komen worden bevestigd. In een paar andere boeken worden donkere kinderen met hardlopen en muziek maken geassocieerd – bij uitstek de stereotype rollen waarover veel kritiek is binnen het emancipatoire stereotypen discours.

Toch mag dit alles de pret niet drukken. In een aantal verhalen worden stereotype beelden juist ook weer ontkracht, vermeden of op de kop gezet. Ofwel: de verhalen van Superdiverse kinderboeken verschillen onderling ten aanzien van stereotype culturele beelden. Het belangrijkste effect vind ik wel dat de box als geheel op unieke wijze het belang van diversiteit in kinderboeken in het publieke en uitgeversdomein agendeert. Vanuit esthetisch oogpunt en vanuit de verhaaltechnische kwaliteit bezien zijn zij een rijkelijke toevoeging voor iedereen die op zoek is naar mooie interculturele kinderboeken.

Zowel de box als de kinderboeken afzonderlijk zijn te koop via de webwinkel van Studio Sesam.

Update: Gezocht! Nieuwe schrijvers en illustratoren voor kleurrijke kinderboeken 

Aan Tien superdiverse verhalen deden mee:

Lies Vervloet & Laura Janssen – Berelekker
Khadija Timouzar & Inge Lavrijsen – Een goal voor Imane
Hanaa Boubouh / Nilufar Kuhpour – Waar is Parlo?
Alice van de Geest & Sanne Thijs – De Broccolireus
Asma Ould Aissa & Annemarie Vermaak – Safia en de droombellen
Atilla Erdem & Peggie De Sager – De huissnuiver
Benedicte Moussa-De Greef & Frits van Zeventer – De Loopwestrijd
Laila Koubaa & Tinne Van den Bossche – Ik wil niet naar Marokko!
WinnyAng & Fatinha Ramos – Op zoek naar Yori

Een bijzondere excursie: sporen van Quaco

kasteel rosendael
Kasteel Rosendael rond 1780 – Bron: Ineke Mok – Cultuursporen

Over Quaco lezen is iets anders dan de plaats te weten waar hij onder het gezag van John Gabriël Stedman (1744-1797) vanuit de Surinaamse plantages in 1777 in Nederland aankwam en leefde: kasteel Rosendael. In de kerk van dit kasteel vond Ineke Mok, initiatiefnemer en schrijfster van het unieke beeldverhaal Quaco – Leven in slavernij (Eric Heuvel & Ineke Mok, 2015), ooit het doopbewijs van de jongen Quaco waarmee haar zoektocht naar zijn leven in slavernij begon. Op zaterdag 16 april kunnen jongeren, scholieren, studenten en andere geïnteresseerden mee op een bijzondere cultuur-educatieve dagreis naar kasteel Rosendael en kasteel Cannenburch in Nederland’s Gelderland.

Tijdens de busreis is er ruimte voor verhalen, ervaringen, liederen en gedichten die verwijzen naar het slavernijverleden. De organisatoren nodigen u uit om in uw herinneringen, boekenkast of muziekverzameling te duiken, te laten horen en/of zien wat u wilt delen. Artimobiel verzorgt het vervoer en Stacey Esajas, presentator van de tv serie De Slavernij Voorbij, is de Master of Ceremony (MC) in de bus.

Ineke Mok vertelt over haar zoektocht naar het verhaal van Quaco en dat van andere Afrikanen in het Gelderland aan het einde van de 18e eeuw. Jorien Jas, conservator van Geldersch Landschap & Kasteelen, verhaalt over de schilderijen met Afrikaanse bedienden die in kasteel Cannenburch hangen; wat weten we van hen?

Programma zaterdag 16 april 2016
(zoals vermeld in de uitnodigingsmail)

10.15 Bus vertrekt vanaf station Amsterdam Amstel, max. 24 inzittenden
11.45 Bezoek kasteel Rosendael en de kerk in Rozendaal waar Quaco werd gedoopt
13.15 Lunch in het kasteel (er wordt rekening gehouden met vegetariërs)
14.00 Vertrek naar kasteel Cannenburch in Vaassen
14.45 Rondleiding in het kasteel en langs schilderijen met Afrikaanse bedienden
15.45 Afsluiting met thee/koffie en lekkers
16.00 Bus keert terug naar station Amsterdam Amstel. Aankomst rond 17.15

Kosten € 75
(zoals vermeld in de uitnodigingsmail)
De excursie wordt verzorgd tegen kostprijs. Hiervan wordt de busreis, de toegang, de rondleidingen, de lezingen, de lunch, koffie, thee en versnaperingen voor onderweg betaald. Houders van een Museum Jaarkaart (op vertoon en alleen geldig in kasteel Cannenburch) krijgen 8 euro korting en betalen € 68.

Speciaal € 12.50
(zoals vermeld in de uitnodigingsmail)
Speciaal voor een viertal jongeren – scholieren of studenten – die een persoonlijke band voelen met het slavernijverleden maar niet zoveel geld hebben, stellen de organisatoren vier plaatsen beschikbaar tegen kostprijs van de lunch: € 12,50. Wil je daarvoor in aanmerking komen? Stuur dan snel een mail aan Ineke of Dineke. Wie het eerst komt…

Organisatie
Sporen van Quaco wordt georganiseerd door Ineke Mok (Bureau Cultuursporen) en Dineke Stam (IMHP).

Aanmelden
(zoals vermeld in de uitnodigingsmail)
De excursie is kleinschalig en verdiepend: er zijn maar 24 plaatsen beschikbaar. Wacht dus niet te lang als je er bij wilt zijn. Voor meer informatie en betalingsgegevens, mail Dineke.

Extra informatie
(zoals vermeld in de uitnodigingsmail)
Van Quaco – Leven in slavernij (Eric Heuvel & Ineke Mok, Walburg Pers 2015) bestaan 2 versies: (1) het stripverhaal zonder bijlage (€ 8,95) en (2) het stripverhaal met bijlage (Quaco – educatief, €12,95), met o.a. bronnen, een tijdlijn, kaarten en extra informatie over verzet, slavernij op de Antillen, racisme en de erfenis van slavernij.

Quaco – Leven in slavernij is te koop via de Walburgpers , kasteel Rosendael, uw lokale boekhandel of ga naar quaco-stripverhaal.nl voor meer informatie en het lesmateriaal.

Het beeldverhaal Quaco is eerder uitgelicht bij Spinzi, teruglezen via deze link.

Uitgelicht: Quaco – Leven in slavernij (Eric Heuvel & Ineke Mok)

quaco-leven-in-slavernij
Quaco – Leven in slavernij (Eric Heuvel en Ineke Mok, 2015)

Vier jaar werkten historisch striptekenaar Eric Heuvel en neerlandica, onderzoeker en docent Ineke Mok (initiator) aan Quaco – Leven in slavernij. Die toewijding kun je in de lagen en nuances van dit bijzondere boek terug vinden. In Quaco wordt, de voor sommigen, abstracte kennis van de trans-Atlantische slavenhandelsgeschiedenis naar het persoonlijke inlevingsvermogen gebracht op een wijze waar jongeren ontvankelijk voor zijn: middels een hoogwaardig kwalitatief stripboek c.q. beeldverhaal.

Quaco, vaak geschreven en uitgesproken als Kwakoe, heeft aan het einde van de 18e eeuw echt geleefd. In de overgeleverde en geredigeerde uitgegeven dagboeken van de Schots-Nederlandse soldaat John Gabriël Stedman (1744-1797), één van de bekendste chroniqueurs die het leven op de Surinaamse plantages gezicht gaf, speelt Quaco als lijfknecht onder zijn gezag slechts een bijrol. Treffend is daarom dat de makers van het stripboek een omkering van het perspectief hebben gemaakt. Nu eens schrijft Quaco zijn verhaal op, zijn liefde voor het slavenmeisje Afua en beleven we het leven op de plantages, zijn innerlijke worsteling tegen de slavenopstand van Boni en het verhaal van Stedman en diens relatie met slavin Joanna door de ogen van Quaco.

Zeer doet de onmacht bezit te worden van een ander, ontroerend het gegeven van de menselijke overlevingskracht en: dat liefde overal speelt, ook in tijden van slavernij.

Quaco – leven in slavernij is uitgegeven als educatief historisch beeldverhaal door de Walburg Pers, oorspronkelijk bedoeld voor tweedeklassers maar absoluut ook geschikt voor klassen daarboven en thuis.

Het enige wat nog te wensen over laat is de vrijblijvendheid van de aanschaf; immers hoort dit stripboek – dat op unieke wijze verhaalt over de schaduwzijde van de Nederlandse handelsgeschiedenis specifiek bedoeld voor jongeren – net als Zwart in kinderboeken natuurlijk gewoon op de verplichte literatuurlijst thuis van alle lagen van het secundair onderwijs maar dat kan de uitgeverij niet kwalijk genomen worden en hoort thuis op de agenda van het Nederlands emancipatie en onderwijsbeleid.

Tot die tijd kunt u het eigengereid kopen via de webwinkel van de Walburg Pers en www.quaco-stripverhaal.nl of het bestuur van de school van uw kind(eren) noodzakelijkerwijs ermee spammen. De bijzondere luxe gebonden uitgave is inmiddels uitverkocht.

– Voor verdieping lees ook Stedman’s Narrative of a five years’ expe­dition against the revolted Negroes of Surinam (1796), volumes 1 en 2.

Extra informatie

Titel: Quaco
Subtitel: Leven in slavernij
Auteurs: Eric Heuvel en Ineke Mok
Uitvoering: genaaid gebrocheerd
Illustrering: geïllustreerd, kleur
Uitgave: Walburg Pers, Zuthpen, 2015
Omvang: 64 pagina’s
ISBN: 9789057309595